Mijn weer-app belooft deze week nog zomerse temperaturen van rond de 20 graden. Heerlijk! Het betekent voorlopig uitstel van de jaarlijkse kleding-wissel-operatie: het wintergoed blijft nog even achter in de kast, terwijl de vestjes inmiddels strategisch binnen handbereik hangen. Voorbereid zijn is tenslotte het halve werk.
Had ik nog op Ouwe Syl gewoond, dan had ik allang brandhout besteld voor de houtkachel. Lekker bij een knapperend haardvuur zitten, daar kan ik nog steeds van dromen. Maar goed, geen houtkachel hier, dus moet ik het met minder romantiek doen. Afgelopen zomer werd mijn thermostaat vervangen: zo'n geavanceerd ding vol programma's, compleet onbruikbaar, omdat de led-aanduiding kapot was. Ook nieuwe batterijen boden geen soelaas. Wie mij kent, weet dat ik niet zo van de technische snufjes ben. Liever had ik namelijk een ouderwetse Honeywell-draaiknop terug gehad. Die bestaan alleen niet meer, dus werd het de meest simpele digitale opvolger: eentje die de temperatuur laat zien en verder alleen hoger of lager kan. Precies genoeg techniek voor mij…
Een kamertemperatuur waarbij orchideeën goed gedijen, is niet weggelegd voor wie rond het bestaansminimum leeft. Gelukkig heb ik met koud douchen en het hele jaar door buiten zwemmen een bijzondere band opgebouwd met kou. Ik draag het een warm hart toe. Zoals ik al eens gezegd heb: “Kou is niet wat we denken dat het is.” De kachel staat hier standaard op 15 graden. Bij kou trek ik gewoon een trui aan en nestel ik me 's avonds met een dekentje op de bank. Komt er echter bezoek, dan gaat de thermostaat wél een tandje warmer, zodat de ontvangst minstens zo warm is als de kamertemperatuur…
In de laatste troonrede werd nog eens benadrukt hoe belangrijk betrouwbare en betaalbare energie is, nu de kosten huishoudens en bedrijven flink onder druk zetten. Het kabinet wil investeren in kernenergie, wind op zee, waterstof en CO2-opslag, en stimuleert woningisolatie. Klinkt allemaal veelbelovend — tot je bedenkt dat er ongetwijfeld ook "veranderingen" aankomen in de energiebelasting. Verhogingen, durf ik te wedden…
Windmolens en zonnepanelen moeten de kosten verlagen. En warmtepompen zouden helpen verduurzamen. Nog meer horizonvervuilende windmolens dus, die bovendien een plaag zijn voor vogels en het leven in zee. En nog meer zonnepanelen die regelmatig zorgen voor netwerken die overbelast raken doordat ze niet berekend zijn op teruglevering. "Netcongestie", zoals ze het chic noemen. Het gevolg: nieuwbouwwoningen die soms tijdelijk zonder definitieve netaansluiting komen te staan. Hoe krijg je dat voor elkaar? Ik snap er werkelijk niets van…
Elke maand bekijk ik het overzicht van mijn energieleverancier. Dat laat zien hoe ik het als 1-persoonshuishouden doe ten opzichte van vergelijkbare huishoudens. Steevast een feestje, want mijn verbruik ligt daar ruim onder. Tegelijk schrik ik me steeds weer wezenloos, want de vaste leverings- en netwerkbeheerkosten voor stroom en gas liggen met uitzondering van de wintermaanden, respectievelijk zo'n twee en drie keer hoger dan mijn daadwerkelijke verbruik. Dan vraag ik me weleens af waar dit heen gaat…
Toch heb ik ook een wens voor de donkere dagen. Ik zou het prachtig vinden als er in heel Nederland, vanaf zeg oktober tot medio januari, spontaan van die Dickens-achtige plekken zouden ontstaan met vuurkorven waar mensen samenkomen. Waar men het vuur dag en nacht brandend houdt. Jaren geleden maakte ik zoiets mee tijdens het Eigentijds Festival in Vierhouten; een magische ervaring. Jong en oud op zitzakken en bankjes met schapenvachtjes, zingend, trommelend, verhalen delend. Zelden voelde ik zo'n saamhorigheid.
Mocht het onverhoopt ooit tot een echte energiecrisis komen, dan koester ik de stille hoop dat het juist dát teweegbrengt: mensen die weer bij elkaar kruipen rond het vuur. Niet omdat het moet, maar omdat we (her)ontdekken dat warmte, de échte, menselijke soort, niet van de thermostaat komt, maar van elkaar; een les die geen enkele energierekening ons kan leren.
Sanne Verhoef