gtag('consent', 'update', {'ad_user_data': 'granted','ad_personalization': 'granted','ad_storage': 'granted','analytics_storage': 'granted' });
Terug
Sanne column

Water en weidsheid

Blijkbaar heb ik iets met water en weidsheid. Dat ontdekte ik pas op ’t Bildt. En eigenlijk pas daarna begreep ik waarop ik mijn huidige woonplaats heb uitgezocht. Eerder nog was ik een Arnhems meisje. Woonde in een buitenwijk van de Gelderse stad. Tegen een groenstrook met een parklandschap in ontwikkeling. Met een splitlevelachtertuin aan water. Ik vond het fantastisch. Mijn eerste, echte (t)huis. Geen kamer of uithuilen-en-opnieuw-beginnen plek, maar een huis van mezelf.

Het is inmiddels me duidelijk dat ik toen ook al water en ruimte nodig had. Ik ben een hoofdbewoner; denk veel en vaak over veel dingen na. Daarmee loop ik weliswaar niet in zeven sloten tegelijk, maar zit ik wel minder in mijn lijf. Een lijf dat ondertussen schreeuwt om dingen duidelijk te maken. 

Op ’t Bildt vond ik een manier om te landen. In weer en wind struinen over ‘t Noarderleech. Of in alle vroegte fietsen langs het water naar het haventje van Alde Leie om er te zwemmen. Uit mijn hoofd, in mijn lijf. In dat landen werd ik me bewuster van alles om me heen. Van bevroren rijp op boerenkool, die in het zonlicht als kristallen schittert. Van de temperatuur van het water dat om me heen klotst. Dingen die er gewoon zijn. Maar die ik zelf pas echt zag toen ik even stilviel. Ook nu woon ik, net als op Ouwe Syl, vlak bij water en een haventje. In tegenstelling tot het haventje van Alde Leie wordt zwemmen hier afgeraden. 

Al dravend of wandelend over Gooimeerdijk West geniet ik ook van weidsheid. Vóór mij de lange dijk, met her en der een helling die een op- of afgang markeert. Links het Gooimeer. Vanaf de dijk een lus om het Zilverstrand en weer terug; een meditatieve route van tien kilometer. Mijn benen kennen de weg. De beleving van de run of wandeling verschilt per keer, mede door zon, wind en regen. Mijn aandacht is bij de cadans van mijn passen. Bij mijn ademhaling. Het gevoel van zon of striemende regen op mijn gezicht. Het is ontspanning door inspanning. En blijkbaar ook een manier om opnieuw te landen… De weidsheid van het Noarderleech is natuurlijk ongeëvenaard. Met je rug naar de dijk is de vuurtoren, die bij helder weer zichtbaar is, het enige dat blijk geeft van een bewoonde wereld. Kijk ik hier over het Gooimeer, dan markeert de kerktoren van de Grote Kerk de ligging van Naarden. En als de schemering valt, verraden lichtjes het verkeer op de A27. 

Een contrast met het hoge Noorden, waar een gevoel van verlatenheid – het sterkst merkbaar in de winter – juist zijn charme heeft. Een leegte die ruimte geeft. Mijn huidige variant van water en weidsheid waardeer ik echter evengoed. Bovendien: als ik een boodschap vergeten ben, zijn winkels hier op loopafstand… En dan is er nog de wind. Want waar weidsheid is, is wind. Op ’t Bildt was die er altijd. Zomers soms verkoelend, soms als een föhn. En in de winter ijzig koud en snijdend. Dan jaagt hij genadeloos over de open vlakte, vaak vergezeld van regen die striemend in je gezicht slaat. Op een omafiets naar Stiens, Sint Anne of Leeuwarden was dat bij tijd en wijle een behoorlijke beproeving. 

Op enig moment heb ik toch maar besloten een elektrische fiets te kopen. En wat heb ik daar een plezier van gehad. Nu nog trouwens. Afstanden ter lengte van de Oudebildtdijk en langer leg je hier gemakkelijk binnen de stad af. Ik probeer daarbij altijd de meest groene routes te kiezen: zo lang mogelijk buitenom, langs water en akkers en door het groen, alvorens ik de bewoonde wereld induik naar mijn bestemming. 

Maar eerlijk is eerlijk. De weidsheid, rust en schoonheid van ’t Bildt, tezamen met zijn bewoners, zijn en blijven uniek. Misschien moest ik eerst weg om te ontdekken wat ik daar eigenlijk vond. Water. Ruimte. Rust. En een manier om af en toe uit mijn hoofd te komen en weer te landen. Daar ben ik dankbaar voor. En bevoorrecht.  

Sanne Verhoef